Mijn ervaring met Gouldamadine.
De besmetting met het Gould virus. 14-03-2004.
In 1996 kocht ik mijn eerste
Gouldamadine. Het was een Roodkop wildkleur. Naar mijn mening had ik een prachtige
pop gekocht. Zij had een lichte borstkleur en geen spitsen.
Mijn vrouw zei nog, het is een man.
Maar volgens mij bestond dat niet.
Dus ik ging op zoek naar een man en
die vond ik. Een prachtige zwartkop wildkleur.
Eenmaal thuis gekomen in de kooi
gedaan. De zwartkop man begon meteen te springen en te zingen en ik was blij.
Want ik dacht: zie je wel ik heb een
koppel. Ik had de nestkast opgehangen en binnen 14 dagen hadden ze het nest
klaar. Ze zaten samen op stok en samen op het nest: maar al wat kwam, geen
eieren. Ik vroeg me af, heb ik het toch mis en dat was zo.
De roodkop was een lilaborst man,
maar daar had ik als beginnend Gould kweker nog nooit van gehoord.
Dus had ik twee mannen. Een verloren
jaar wat het kweken betreft, maar niet getreurd, ik was wat wijzer geworden.
Ik ben op zoek gegaan naar twee
poppen. Ik vond op een T.T. in de vrije verkoop een roodkop witborst en een
zwartkop paarsborst.
Voor mij kon het broedjaar 1997-1998
beginnen. Ik kreeg steeds meer plezier van mijn Gould’s.
Het broeden lukte. Ik had van mijn
koppel roodkoppen 3 jongen en van mijn zwartkoppen had ik 2 jongen.
Naarmate de tijd verstreek en de T.T.
naderde werd het voor mij wel spannend.
Ik had met mijn vrouw afgesproken dat
wat onder de 89 punten zat ik weg zou doen.
Ik had er 2 van 89 en 1 van 90 punten
en 2 mindere. Zo gezegd zo gedaan. Ik had er dus 3 over waarvan 1 zwart kop man
en 1 zwartkop pop en een roodkop witborst pop.
Het broedjaar 1998-1999 was
aangebroken. Ik ben op zoek gegaan naar een passende
zwartkop paarsborst man. En die vond
ik op de vogelbeurs in Noordwijkerhout, en ik kreeg van een lid van onze
vereniging een roodkop paarsborst man.
Na veel leeswerk en veel vragen bij
collega liefhebbers ben ik gaan koppelen. Ik zette
4 koppels op:
met 2 koppels lukte het niet en met de andere 2 koppels had ik wel
succes.
Maar liefst 28 jongen: 15 roodkoppen
en 13 zwartkoppen. Bij de zwartkoppen zat een zwartkop witborst, dus ik wist
bij deze koppeling dat ze split voor witborst zijn. Er gingen
5 jongen dood, had er nog 23 over,
tot hier kon het niet meer stuk.
Op naar de T.T. Ik wilde mij wel
meten met vogels van collega kwekers. Tot mijn grote verbazing werd ik op 4
T.T.’s kampioen en op 1 T.T. stammen-kampioen. Mijn jaar kon echt niet meer
stuk, ik had goede vogels.
Na een hele strenge selectie kon ik
aan een nieuw broedseizoen 1999-2000 beginnen.
Verder
met het broed seizoen 1999-2000.
Nu ik zoveel keus aan
jonge vogels had, kon ik aan stamopbouw beginnen.
Eén stam zwartkop paarsborst
en één stam roodkop paarsborst.
Ook kon ik een stam zwart maal roodkop paarsborst maken.
Ik had ook de
zwartkop witborst man nog, die had ik gekoppeld aan een inmiddels gekochte
roodkop witborst pop.
Ik had ook een paar
Gould’s geruild voor een zwartkop blauwpaarsborst pop en een zwartkop overgoten
blauwpaarsborst pop en een roodkop overgoten groenpaarsborst man.
Je mag wel zegen dat
ik gesteld was met maar liefst 14 koppels.
Het broeden en het
grootbrengen van de jongen ging voorspoedig. Ik had 113 jongen op stok
Toch loop je door
onwetendheid tegen teleurstellingen aan. Zo ging mijn blauwe pop dood, ik
begreep niet waarom?
De man waar ik hem
had gehaald vertelde mij, dat een blauwe Gould geen vitamine A aan- maakt, dus
ik had weer wat geleerd.
Ik voeg nu vitamine A
toe aan het eivoer en dat werkt.
Er zat tussen mijn
jonge vogels weer een verrassing, er zat een oranjekop paarsborst man bij.
Ik had dus ook split
vogels voor oranjekop. De hobby werd steeds leuker: ik ontdekte nog een
afwijkende kleur en
dat bleek een zeegroene te zijn.
Tijdens de rui gingen
er 5 jongen dood, dat kan gebeuren.
Na veel schrijfwerk
in een schrift, met al deze kleuren, werd het tijd voor een kweek- programma.
Maar als je het dan goed wil doen, moet
je ook aan een pc. Gelukkig kreeg ik een oud beestje, maar dan moet je
er ook nog mee leren werken, maar ik leerde snel.
Kweekprogramma
ingevoerd, alle gegevens ingevoerd en de administratie was weer in orde.
Nog een paar
T.T.’s gedaan,hoge punten gehaald, ik
mag wel zeggen: een top jaar.
Verder
met seizoen 2000-2001
Eind oktober ben ik
gaan koppelen: 4 weken eerder dan het voorgaande jaar.
Ik heb in 4 weken 17
koppels samengesteld, een leuke start met een leuk aantal kleurslagen.
Het eerste rondje
liep voorspoedig: ik had 51 jongen op stok, ik kon en mocht niet klagen.
Het tweede rondje
liep heel anders: er waren 4 nesten met onbevruchte eieren.
1 koppel gooide de
jongen uit het nest, ik heb ze teruggelegd, maar ze werden er weer uit-
gegooid. Dan is het een verloren zaak. Het gekke is: het eerste nest brengen ze
groot en het tweede verpesten ze.
Ik had dit koppel bij
een kweker gehaald. Hij vertelde mij dat hij ze gekocht had bij iemand
die onder de meeuwen
kweekte. Je begrijpt dat ik daar niet blij mee was. Hier geldt: een
gewaarschuwd mens telt voor twee.
Er kwam nog meer pech
om de hoek kijken. Ik had een koppel pastel maal wildkleur: eerste
rondje 4 jongen op
stok, het tweede rondje hadden ze 5 jongen 6 dagen oud.
Op een ochtend kwam
ik in het vogel verblijf en het koppel
zat netjes op stok in plaats van in het nest.
Ik dacht dit is foute boel. Gelijk nest controle gedaan, en ja hoor de
jongen waren steenkoud. Ik heb de jongen
uit het nest gehaald en warm geblazen.
Maar waar laat je 5
jongen die in de steek gelaten zijn. Gelukkig had ik nog 3 nesten van de-
zelfde leeftijd. Maar dat was de fout van mijn leven. Ik had namelijk verzuimd het desbetreffende
nest uit elkaar te halen en te controleren op bloedluis.
Ik had niet alleen de
jongen verdeeld maar ook de bloedluis. U begrijpt, ik had niet het nest gered
maar verspeelde 4 nesten. Het broedseizoen eindigde met 98 jongen. Ik had door
deze fout geleerd nog alerter te zijn. U ziet met schade en schande wordt men
wijs.
Maar het gezegde
is: alles komt in drieën en dat was ook
zo.
Er kwam nog meer
tegenslag. Ik ga nooit op vakantie, maar dit jaar ging ik een week weg.
Mijn zoon zorgde voor
de vogels. Het was een zonnige en hete week.
Om goed voor de
vogels te zorgen, gaf hij elke dag vers badwater en zette de deur open: perfect
in orde zou je zeggen. Maar toen ik
thuis kwam en bij mijn vogels ging kijken kreeg ik de schrik van mijn
leven. Mijn hok zat vol bloedluis en
onder de muizen.
Oorzaak: deur open,
muizen naar binnen, warmte, hoge luchtvochtigheid en trek, ja dan krijg je
bloedluis. Na 14 dagen bestrijden was ik bloedluis-vrij en na 6 weken was ik
ook van de muizen verlost. Ik raakte hierdoor 14 jonge vogels kwijt.
Inmiddels ben ik
bloedluis en muizen specialist. U ziet het gaat niet altijd op rolletjes.
Verder
met seizoen 2001 – 2002.
We gaan richting T.T.
Vogels selecteren en de mannen en poppen scheiden. Ik maak van mijn broedkooien
vluchten van 120-40-40 cm en daar plaats ik 7 of 9 Gould’s in.
Voor het eerst kreeg
ik te maken met veren pikken. Ik doe al jaren hetzelfde maar ik had nog nooit
last gehad van veren pikken aan elkaars kop en de spitsen.
Dat gaat ten koste
van de bevedering en de kwaliteit van de vogels voor de T.T. De oorzaak hiervan
heb ik niet kunnen vaststellen. Het is dus een raadsel.
Maar ondanks dit
voorval hield ik nog genoeg vogels van
goede kwaliteit over uit mijn selectie voor de T.T. Ik haalde hoge punten en mooie prijzen. Ik
heb dit jaar met 7 T.T.’s mee- gedaan.
Het resultaat was zo goed, dat ik besloot in Apeldoorn mee te doen.
Ik had 7 gould’s
ingeschreven: de laagste waardering 89 punten de hoogste was 91 punten.
ik was dik
tevreden. In december was ik gaan
koppelen, ik had deze keer 22 koppels met verschillende kleur. Het broeden en
zelfstandig worden van de jongen boven verwachting, zonder problemen . Ik sloot broedseizoen af met 168 jongen en
dat vond ik top.
Tijdens de rui deden
er zich wel problemen voor. Een groot deel van mijn blauwe en splitblauwe
Gould’s lagen het loodje. Ik kon de oor
zaak niet vaststellen en met veel navraag bij collega kwekers kwam ik er achter
dat een blauwegouldamadine zachter voer nodig hebt, zo als japansmillet en
witzaad: weer iets wijzer. Nu de rui
voorbij was, kon ik gaan selecteren. Mijn eerste selectie waren de mindere
vogels, die breng ik naar de handel. Wat voor mij niet goed is, verkoop ik ook
niet aan een andere kweker.
Mijn tweede selectie
doe ik voor de T.T. Daarnaast selecteer ik voor de kweek op bloed-
verwantschap, want je hebt niets aan inteelt.
Dit seizoen deed ik aan 4 T.T.’s mee. Omdat ik net geopereerd was aan mijn
schouder, kon ik niet met T.T. kooitjes slepen en vragen aan een ander wilde ik
niet, dus dan maar iets minder.
Verder
met seizoen 2002 – 2003
Daar ik prachtige
Gould’s had kreeg ik toch de kriebels om in Apeldoorn mee te doen en daar werd
ik stammen kampioen met zwartkop paarsborst mannen met 368 punten.
Ook dit seizoen was
ik in december gaan koppelen. Ik had 19 koppels voor het broeden op kleur en 6
koppels voor proef paring. Mijn eerste
rondje had ik 6 nesten onbevruchte eieren.
De rest liep voorspoedig, ik had al aardig wat jongen
.
Nu iets meer over
mijn proef paringen. Ik had een koppel zeegroen maal wildkleur, daar had ik
geen resultaat mee. Een groenpastel splitblauw maal blauw, daar had ik 4 groene
poppen en een wit-achtige Gould uit. Dat vond ik vreemd. Op het moment dat ze
op stok kwamen, kreeg ik onverwacht bezoek een top-kweker. Deze zag het
vogeltje en zei dat het een overgoten blauwe pop was. Hij zei ook, nu hij op stok zit gaat hij
dood, want een licht- kleurige bij groene jongen wordt niet meer gevoerd. En
hij had gelijk: men kan ze wel bij gele gould’s leggen.
Verder liep alles
gesmeerd. Ik kreeg zo rond de 190 jongen op stok en dat was niet verkeerd.
Ik was dat jaar lid
geworden van de “Speciaalclub Natuurbroed Gouldamadine Nederland”.
Ik kon daar dus ook
meedoen met de T.T. te Elst en ook daar haalde ik hoge punten.
Met een zwartkop man
had ik 92 punten en met een zwartkop oranjesnavel 91 punten.
De start voor het T.T.
seizoen was goed begonnen.
Maar het liep niet zo
als het moest. Mijn vrouw en ikzelf kregen problemen met onze gezondheid: we moesten beiden geopereerd worden, dus
alles liep moeizaam.
Door deze gebeurtenis
moest ik een flinke stap terugdoen en daar had ik best wel moeite mee, maar op
zo’n moment kan je niet anders.
Het
verdere verloop 2003 – 2006. 14-05-2008.
Het kweken stond op
een laag pitje. Ik ben in de tussentijd in het bestuur van Regio 1 gekozen en
daar heb ik veel tijd ingestoken.
En ik heb in deze
tijd een aantal leden met raad en daad bijgestaan.
Tevens heb ik mij
verdiept in de vererving van de Gouldamadine en dat was eigenlijk wel pittig.
Ik heb in deze jaren
wel met mondjesmaat meegedaan aan T.T. en ook wel gekweekt.
Zachtjes aan pakte ik
de draad weer op en wij zijn beiden weer redelijk gezond.
Verder
met seizoen 2006 – 2007.
Ik ben deze keer
naast mijn wildkleur en blauw begonnen met de opzet van een stam geel
oranjekop witborst en
geel roodkop witborst. Ik had van 3 koppels 26 jongen en van de overige kleuren
48 jongen. Ik heb met 4 T.T.’s meegedaan en redelijke punten behaald
Het hoogst aantal
punten was 92. Ik was ook dit seizoen tevreden.
Verder
met seizoen 2007 – 2008.
O7-06-2008.
Ik heb dit keer met 2
koppels geel en 2 koppels blauw gekweekt. Ik heb 16 jongen op stok en ben dik
tevreden, want ik wil dit jaar mijn broedkooien vervangen.
Dus is het wijs als
je niet zoveel jongen hebt, en hoe het
verder verloopt krijgt u nog te lezen.
Wordt
vervolgd.